Verplicht rust nemen

Eindelijk was het zover: onze pretecho! Helemaal blij en ja, ook wel een beetje zenuwachtig stapten we met ons gezinnetje in de auto om naar onze afspraak te gaan. Hopelijk zouden ze geen ‘rare’ dingen zien én zouden we eindelijk weten of we een zoon of een dochter erbij kregen. Een broertje of zusje voor Lynn en Gwen. Lynn was helemaal in haar nopjes want zij mocht het vragen, want dat wilde ze graag. Gwen vond het allemaal wel best, zij begreep er nog niet zo veel van.

De pretecho:

Om 13.30 uur mocht ik gaan liggen, met ontblote buik die vol werd gespoten met gel. Na enige uitleg van de echoscopiste werd de echo gestart (en de opname op DVD incl. gesproken tekst van haar). We zagen al meteen een mooi profiel van ons kindje. Het wipneusje was goed te zien! Wat dat betreft leek hij/zij sprekend op Gwen, want op haar echo’s was ook altijd zo’n mooi wipneusje te zien. De placenta lag aan de voorkant en de echoscopiste vroeg aan mij of ik het kindje al wel gevoeld had. Dat heb ik wel, maar het bleef voorlopig nog bij ‘kriebelen’, wat niet gek was omdat de placenta in de weg zat. We zagen mooie beelden van ons kindje en toen ging ze ‘tussen de beentjes’ kijken. Helaas zat de navelstreng er voor, dus nee, nog niets te zien. Misschien later tijdens de echo. Ze keek eerst verder naar de orgaantjes en deed wat metingen. Gelukkig zag dat er goed uit, geen afwijkingen te zien. Natuurlijk viel niet alles te zien op de echo, maar het zag er gelukkig normaal uit. Behalve de groei... Totaal bleek ons kindje ruim een week achter te zijn op de groei, zowel qua hoofdje, buikje als beentje. De totale groei dus. Ik kreeg er een wrange smaak van in mijn mond en moest toch wel even slikken. Het zal toch niet weer? Maar voordat we er over na konden denken, ging de echoscopiste nog een poging wagen om tussen de beentjes te kijken. Lynn werd erbij geroepen en toen stelde ze dé vraag: ‘Krijgen wij een broertje of een zusje? Ik hoop een zusje!’. En… Ja, wij wéten het, MAAR houden dit nog even voor ons! Wij zijn er in ieder geval heel erg gelukkig mee!

Vruchtwater:

Dan nog “even” het vruchtwater meten. Positief nieuws was het niet... De hoeveelheid vruchtwater wordt gemeten in centimeters. Normaal gezien heb je tussen de vijf of zes centimeter vruchtwater en de ondergrens is twee centimeter. Daaronder is echt té weinig. Bij mij was de hoeveelheid vruchtwater 2,6 centimeter, dus nog nét boven de ondergrens. De tranen sprongen in mijn ogen. NIET WEER! Want bij Lynn was dit ook het geval. Toen maakte mijn lichaam niet genoeg vruchtwater aan, waardoor de placenta niet optimaal werkte en zij een fikse groeiachterstand ontwikkelde. Dat weer resulteerde in haar vroeggeboorte, ruim zes weken te vroeg! Zowel de groei als het vruchtwater mochten niet verslechteren. Voorlopig hadden we dus weer genoeg zorgen. De ‘pretecho’ liep dus even wat anders dan verwacht! In de auto naar huis liepen de tranen over mijn wangen, wat een domper! Hopelijk zou het nog verbeteren en was er drie oktober bij de officiële 20-weken echo beter nieuws.

De 20-weken echo:

Half september hadden wij onze ‘pretecho’, die géén pretje was. Ik bleek maar nét genoeg vruchtwater te hebben en ons keuteltje bleek bijna twee weken achter op de groei. In de tussentijd is de 20-weken echo ook alweer een tijdje achter de rug en ook daar werd hetzelfde geconstateerd als tijdens de pretecho. Een flinke groeiachterstand van de baby, toen 16 dagen achter én weinig vruchtwater. Gelukkig was het nog niet heel erg zorgwekkend. Daarbij stond ik onder goede controle van de gynaecoloog. Ik had een medische indicatie doordat ik eerder te vroeg was bevallen (via een keizersnede). Dat was met onze oudste dochter, die ook nog een groeiachterstand had van ruim vijf weken.

Verplichte rust:

Natuurlijk bracht dit alles de nodige kopzorgen met zich mee, het huilen stond me dan ook nader dan het lachen. Daarom werd mij geadviseerd om voorlopig zeker te stoppen met werken. Voor mezelf én voor de bevordering van de groei van ons ongeboren kindje. Ik was toen ongeveer zes weken thuis en was weer ‘rustig’ van binnen. Ik had me bij het feit neergelegd dat ik niet alles kon doen, dat mijn werk op de tweede plaats kwam en dat ons ongeboren kindje natuurlijk de hoogste prioriteit verdiende. De ‘verplichte rust’ leek zijn vruchten af te werpen. Bij de laatste controle had ons kindje iets van de groeiachterstand ingehaald (vier dagen minder achter) en ook het vruchtwater was wat toegenomen. Voor mij betekende dit dat ik de stijgende lijn graag zo wilde volhouden. Gelukkig hadden zowel mijn werkgever als de bedrijfsarts en de gynaecoloog heel veel begrip voor mijn situatie en gunde ze me het beste voor mezelf én voor de baby in mijn buik.

Genieten van rust:

Vooralsnog leek het dus goed te gaan doordat ik mijn rust nam en “alleen maar” aan de baby dacht. In ieder geval hoefde ik me geen zorgen om mijn werk te maken en kregen ook onze andere kindjes (de twee meiden) op deze manier wat extra aandacht van mama. Verder genoot ik van de bewegingen in mijn buik, al voelde ik dit kindje bij lange na niet zoveel als onze oudste twee, omdat de placenta ervoor lag. Maar wat niet was kon nog komen en gelukkig voelde ik regelmatig wat bewegen in mijn buik.

Aftellen:

Langzaamaan gaan we aftellen naar dé uitgerekende datum: 11 februari 2009. Rond die datum (of hopelijk toch in ieder geval maximaal drie weken ervoor) zullen wij onze derde spruit in onze armen kunnen houden. Op het moment van schrijven ben ik ruim 26 weken zwanger en sommige dagelijkse klusjes wegen wat zwaarder heb ik gemerkt, maar ik klaag niet hoor. Nog maar veertien weken te gaan van mijn derde én laatste zwangerschap.

Ingestuurd door: Mascha

Bekijk ook: Het bevallingsverslag van Mascha